23 december 2008, Rolph Pagano
Eerst geloven, dan zien
December is de maand waarin het woord geloven wat vaker valt dan gemiddeld. Waarbij we zo langzamerhand wel mogen constateren dat de meeste mensen weinig geloof hechten aan het traditionele kerstverhaal, waarin een maagd bevalt van een kind dat ook nog eens de zoon van God blijkt te zijn. Maakt niks uit, het kerstdiner smaakt er niet minder om.
Het woord ‘ geloven’ wordt meestal in verband gebracht met religie; het Geloof, met een hoofdletter g. Maar je kunt natuurlijk in veel meer dingen geloven. In het herstel van de economie, de persoonlijke groei van jezelf (of je medewerkers) of dat Ajax wéér geen kampioen wordt. Geloven is, vreemd genoeg, een besluit. Een mens kiest zelf wat hij gelooft en wat niet. Dat kan, omdat er per definitie voor iets wat je moet geloven, geen bewijs is. Het staat niet vast, daarom moet je het juist geloven. Of niet. Geloven is iets aannemen dat niet vast staat. Nou, dat moet je dus zelf maar weten. Geloven begint, waar weten ophoudt. Als je het niet meer weet, kom je de wereld van het geloven binnen. Dan geloof je het niet (wantrouwen) of wel (vertrouwen).
Nu is er een collectief misverstand dat tot uitdrukking komt in een veel gebruikte uitdrukking, die luidt: Eerst zien, dan geloven. Hoe nuchter en verstandig dit in veel gevallen ook mag klinken, het blijkt pure onzin te zijn. Het blijkt precies omgekeerd te zijn: eerst geloven, dan zien. Mensen hebben het vermogen om vooral datgene te zien wat ze geloven en om omgekeerd, niet te zien wat ze niet geloven. Sommige mensen geloven in Maria-verschijningen en ze zien deze dan ook. Ik geloof er niet in en heb Maria dus nog nooit ontmoet. Sommige mensen geloven in UFO’s, en ze zien ze dan ook. Ook hier haak ik af. Persoonlijk geloof ik in mijn kinderen, en zie ze het ene succes na het andere boeken.
Eerst geloven, dan zien. Het ligt zo voor de hand. Elke topsporter kan je er over vertellen. Wie niet in zichzelf of de overwinning gelooft, blijkt ook dit geloof tot werkelijkheid te kunnen roepen. De wedstrijd gaat verloren. Ik zou nog meer argumenten kunnen aanvoeren, over het belang om je bewust te zijn van je keuze over wat je gelooft en wat niet. Maar ik geloof dat u me al begrijpt.